Rechtbank Midden-Nederland doet tussen-uitspraak in twee door Vrijbit aangespannen juridische procedures tegen de Autoriteit Persoonsgegevens

Gepubliceerd: 25 juli 2017

Op 10 maart 2017 vonden uiteindelijk bij de rechtbank Midden-Nederland te Utrecht de twee rechtszittingen plaats die door Vrijbit waren aangespannen tegen de Autoriteit Persoonsgegevens. Onze stichting KDVP is betrokken bij beide juridische procedures en Ab van Eldijk, voorzitter van de KDVP, trad tijdens de zittingen (ook) op als gemachtigde. Nadat de uitspraak eerst nog drie keer was uitgesteld, heeft de rechter op 11 juli 2017 een tussenuitspraak gedaan.

Over de “aanloop” naar deze beide rechtszittingen op 10 maart 2017 kunt u informatie vinden in een eerder op onze KDVP-site gepubliceerd nieuwsbericht (dd 4 april 2016) over de hoorzittingen welke op 15 maart 2016 bij de AP zijn gehouden naar aanleiding van herhaalde handhavingsverzoeken die Vrijbit bij de AP eerder had ingediend en waar de AP afwijzend op had gereageerd. Onze voorzitter Ab van Eldijk heeft samen met de voorzitster van Vrijbit, Miek Wijnberg, het woord gevoerd op deze hoorzittingen.

De eerstgenoemde juridische procedure betreft het beroep tegen de Beslissing op Bezwaar van de AP om niet handhavend op te willen treden tegen de onrechtmatige verzameling, verwerking en doorlevering van medische diagnose- en behandelgegevens (DBC’s) in het DIS, die reeds plaatsvindt vanaf 2006. In 2006 had het CBP (nu AP) al aangegeven dat het DIS geen tot personen herleidbare gegevens mocht bevatten. Door koppeling van data uit het DIS met in andere bestanden beschikbare gegevens bleken deze data wel degelijk herleid te kunnen worden tot concrete “personen van vlees en bloed”. Dat heeft de NZa - waar het DIS sinds mei 2015 onder ressorteert - zelf moeten erkennen.

Hier kunt u de tussen-uitspraak vinden in het beroep (zaaknummer UTR 16/4199 WBP V93) over het feit dat al 10 jaar lang op onrechtmatige wijze gegevens door het DIS worden verwerkt. 

De tweede juridische procedure gaat over de Gedragscode Zorgverzekeraars. De goedkeuring van die gedragscode door het CBP is in de uitspraak van de rechtbank Amsterdam op 13-11-2013 vernietigd. Tot op heden is er geen aan het oordeel van de rechter aangepaste Gedragscode ter goedkeuring voorgelegd aan de AP en worden sinds jaar en dag medische gegevens van burgers dus onrechtmatig verwerkt.

Hier kunt u de tussen-uitspraak vinden in het beroep (zaaknummer UTR 16/3326 WBP V97) over het feit dat er nog steeds op onrechtmatige wijze gegevens door zorgverzekeraars worden verwerkt ondanks het rechterlijk oordeel uit 2013, dat taakstellend was.

In beide procedures heeft de rechtbank in een zgn. tussen-uitspraak besloten de AP de gelegenheid te bieden om alsnog de “gebreken” die door de rechter zijn bevestigd te herstellen of te laten herstellen. De AP moet binnen 2 weken aangeven of zij van deze gelegenheid gebruik zal maken en zo ja, dan moet de AP die gebreken binnen 8 weken herstellen met inachtneming van de overwegingen en aanwijzingen in de tussen-uitspraken. Zie voor meer en uitgebreide informatie www.vrijbit.nl.