Uitspraak van de rechtbank Amsterdam op 25-9-2018 over de opt-outregeling is onvoldoende gemotiveerd en noopt de KDVP tot het aantekenen van Hoger Beroep bij de Raad van State

Gepubliceerd: 10 februari 2019

Op 25 september 2018 heeft de rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in de juridische procedure die onze stichting had aangespannen tegen de Autoriteit Persoonsgegevens.

De KDVP voert deze procedure omdat de AP nog steeds niet handhavend is opgetreden tegen het uitblijven van een aangepaste, digitale declaratieprocedure waarmee effectief kan worden voorkomen dat diagnose-informatie via het gehanteerde DBC tarief terecht komt bij de zorgverzekeraar en bij het Diagnose Informatie Systeem (DIS).

Het gaat hier om het daadwerkelijk gebruik van de opt-outregeling. De opt-outregeling moet het mogelijk maken om digitaal te kunnen declareren zonder vermelding van diagnose- en behandelinformatie en zonder dat uit het DBC-tarief alsnog de diagnose is af te leiden. Ondanks eerdere acties en een mediationtraject is er nog steeds geen effectieve, officiële regeling, waarmee in de praktijk van de hulpverlening bij afgifte van een privacyverklaring op een duidelijke en betrouwbare manier digitaal en toch “privacyproof” kan worden gedeclareerd.

De rechtbank Amsterdam heeft ons beroep afgewezen. De KDVP is echter van oordeel dat deze rechterlijke uitspraak onvoldoende gemotiveerd is. Ons inziens heeft de rechtbank ten onrechte de niet- afdoende, afwijzende beslissing van de AP overgenomen. Dit besluit van de AP is niet gebaseerd op eigen onafhankelijk onderzoek, maar wordt vooral onderbouwd door te verwijzen naar conclusies uit een rapport van de NZa dat echter helemaal geen betrekking had op onze bezwaren tegen de bestaande digitale declaratieprocedure die gehanteerd zou moeten worden bij afgifte van een privacyverklaring.  

Bovengenoemde overwegingen heeft de KDVP doen besluiten om op 15-11-2018 bij de Raad van State Hoger Beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam in te stellen om deze uitspraak – en daarmee óók de misleidende , niet affectieve digitale declaratieprocedure te gebruiken bij afgifte van een privacyverklaring – opnieuw te laten toetsen.