Geplande rechtszitting op 31-3-2020 te Amsterdam over de Gedragscode Zorgverzekeraars is opnieuw uitgesteld; deze keer is het vanwege de corona crisis

Gepubliceerd: 26 maart 2020

De rechtbank Amsterdam heeft de Stichting KDVP laten weten dat de geplande rechtszitting over de Gedragscode Zorgverzekeraars die op 31 maart a.s. zou plaatsvinden, vanwege de coronacrisis is uitgesteld tot een nader te bepalen datum. Helaas betekent dat opnieuw vertraging in een juridische procedure over het in strijd met wet en verdrag verwerken van medische persoonsgegevens door zorgverzekeraars.

De door de KDVP tegen de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) aangespannen juridische procedure over verwerking en gebruik van medische persoonsgegevens door zorgverzekeraars ging oorspronkelijk over het feit dat procedures en bedrijfsprocessen voor de verwerking van medische persoonsgegevens – zoals die werden vastgelegd in de Gedragscode Zorgverzekeraars – nog steeds niet zijn aangepast en bijgesteld op basis van de rechterlijke uitspraak op 13-11-2013. De rechtbank Amsterdam had in november 2013 de goedkeuring van die Gedragscode door het College Bescherming Persoonsgegevens (sinds 1-1-2016 AP) vernietigd, omdat de in de Gedragscode Zorgverzekeraars beschreven procedures en bedrijfsprocessen geen juiste uitwerking vormden van Wbp (Wet bescherming persoonsgegevens) en EVRM (Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens). Volgens de rechtbank Amsterdam heeft het CBP bij de goedkeuring van de gedragscode op 13 december 2011 de in deze gedragscode vastgelegde verwerkingsprocedures onvoldoende dan wel onjuist getoetst aan vereisten voor de bescherming van privacyrechten van patiënten/cliënten zoals vastgelegd in wet en verdrag.

Omdat er door de AP vervolgens niets werd ondernomen om de verwerking van medische persoonsgegevens door zorgverzekeraars alsnog te doen aanpassen aan de door de rechter geconstateerde bezwaren heeft de KDVP een handhavingverzoek ingediend bij de AP teneinde deze toezichthouder er toe te brengen handhavend op te treden tegen verwerkingsprocedures bij zorgverzekeraars die naar het oordeel van de rechter geen juiste uitwerking vormden van wet en verdrag. Aangezien de AP ook hierna in gebreke bleef om handhavend op te treden tegen de zorgverzekeraars is de KDVP een beroepsprocedure gestart om alsnog adequaat handhavend optreden van de kant van de AP af te dwingen. In de zitting op 18 juli 2017 over dit beroep tegen de AP is door de rechter voorgesteld een mediation procedure te starten om zo samen met de AP, NZA (Nederlandse Zorgautoriteit) en ZN (Zorgverzekeraars Nederland) te kunnen komen tot aanpassingen zoals gevergd door de rechterlijke uitspraak. Tijdens de mediation bleek helaas herhaaldelijk dat de andere partijen niet bereid waren tot een constructieve samenwerking. Ondanks aandringen van onze kant is na een half jaar noch door de AP noch door één van de andere partijen een inhoudelijk voorstel gedaan voor aanpassing van de gewraakte werkwijzen van zorgverzekeraars. De KDVP heeft vervolgens besloten de mediation procedure te staken en de kwestie opnieuw bij de rechter neer te leggen.

Inmiddels zijn er jaren verstreken sinds de rechterlijke uitspraak van 2013 en vormt de verwerking van medische persoonsgegevens bij zorgverzekeraars nog steeds geen juiste uitwerking van wet en verdrag. Wel hebben zorgverzekeraars de Minister van VWS laten weten dat zij bezig zijn een nieuwe Gedragscode Zorgverzekeraars op te stellen die ter goedkeuring zal worden voorgelegd aan de AP.

Het is spijtig te moeten constateren dat de KDVP als belanghebbende partij in deze kwestie tot nu toe in het geheel niet is geïnformeerd over deze ontwikkeling, zoals dat feitelijk wél de bedoeling was toen in 2017 op voorstel van de rechtbank een mediation procedure werd gestart in de hoop de gewraakte werkwijzen van zorgverzekeraars aan te passen aan het oordeel van de rechter. Het is wel heel ongelukkig dat er nu opnieuw vertraging optreedt in deze al jarenlang slepende juridische procedure.